De laatste tijd merk ik het steeds sterker: er hangt een passief-agressieve onderstroom in onze maatschappij. Niet altijd uitgesproken, maar wel voelbaar. En ik voel hem niet alleen om me heen — ik voel hem ook in mijzelf.

Die onderstroom is geen toeval. Hij komt voort uit onrust in de wereld, hectiek, sociale druk, digitale prikkels, polarisatie en vermoeidheid.

Ik voel het in een gevoel van urgentie, teveel taken tegelijk, onbevredigende gesprekken. Ik ben vooral gevoelig voor “hoe het hoort” en dat maakt mij soms gefrustreerd en eindeloos moe.

Ik zie het ook bij de mensen met wie ik werk. Ze komen binnen met verhalen die zo op de mijne lijken: irritatie die nergens heen kan, vermoeidheid die verbloemd wordt, conflicten die subtiel uitgevochten worden, vastlopen in bureaucratie en vaak niet gezien, gehoord en erkend worden.

Onbewust beseffen we allemaal dat dit geen incidenten zijn, maar een patroon in onze samenleving.

En toch… zijn er krachten tegenover te zetten.
Iets dat begint bij kleine keuzes, kleine verschuivingen.
Vier woorden die mij helpen — ook al lukt het niet elke dag even goed:

Ruimte, Openheid, Nieuwsgierigheid en Duidelijkheid.

Ruimte — voor mezelf en de ander

Ruimte creëren is het moeilijkst wanneer ik zelf vol zit. Maar juist dan merk ik hoe hard het nodig is.

Ruimte betekent voor mij:

  • Even ademhalen voordat ik reageer,

  • Erkennen dat ik ook spanning voel,

  • Iemand anders de tijd geven om uit te leggen wat er eigenlijk onder zit.

  • Emoties die er zijn zien, horen en erkennen

Wanneer er ruimte is, zakt mijn eigen defensieve reflex. Mijn schouders zakken. En ineens merk ik dat de ander óók ontspant. Ruimte werkt blijkbaar wederzijds.

Openheid — zelfs als het kwetsbaar voelt

Open zeggen wat er speelt… ik vind dat soms spannend.
Maar ik merk dat passieve agressie juist ontstaat op momenten dat openheid ontbreekt.

In mijn werk zie ik het dagelijks: mensen die willen zeggen wat ze voelen, maar (misschien wel terecht) bang zijn voor de gevolgen. Die hun grenzen aangeven met omwegen. Die vooral overal nee tegen zeggen. Die hun frustraties inslikken tot ze de weg terug niet meer weten. Die er vooral thuis intern mee worstelen.

Openheid hoeft niet groots te zijn. Soms is het iets kleins, zoals:

  • “Dit komt bij mij harder binnen dan ik had verwacht.”

  • “Ik voel irritatie, maar ik weet niet goed waarom.”

  • “Ik wil het benoemen voordat het groter wordt.”

  • “Ik geef je erkenning voor jouw worsteling.”

Het zijn zinnen die ruimte maken — bij mezelf en bij de ander.

Nieuwsgierigheid — de schakel die bijna alles verandert

Het blijft magisch hoe snel spanning verandert wanneer nieuwsgierigheid binnenkomt.

Niet:

  • Hij bedoelt het vast zo…
    maar:

  • Wat bedoel je precies?

Niet:

  • Dit is weer typisch haar…
    maar:

  • Hoe komt dit bij jou binnen?

In mijn werk zie ik keer op keer hoe nieuwsgierigheid het contact weer menselijk maakt. We zoeken geen schuldige — we zoeken betekenis. En dat verschil is gigantisch.

Duidelijkheid — vriendelijk, stevig, rustgevend

Hoe vaker ik ermee werk, hoe meer ik besef dat onduidelijkheid de natuurlijke voedingsbodem is van passieve agressie.

Wanneer iedereen iets anders denkt bij “de afspraak”.
Wanneer verwachtingen niet uitgesproken worden.
Wanneer mensen aannames doen omdat niemand iets vraagt.

Dán ontstaat die onderstroom.

Duidelijkheid — echte, vriendelijke duidelijkheid — creëert rust.
Niet omdat alles perfect is afgesproken, maar omdat mensen weten waar ze aan toe zijn.

Voor mij persoonlijk is dat vaak:

  • Helder zijn over wat ik wél en niet kan.

  • Uitspreken waar mijn grens ligt.

  • Checken of we hetzelfde bedoelen.

Het klinkt simpel. In de praktijk is het soms het moeilijkste wat er is.

De vier tegenkrachten samen

Ruimte, openheid, nieuwsgierigheid en duidelijkheid werken als communicerende vaten.

Meer van het één levert automatisch meer van het ander op:

  • Ruimte nodigt openheid uit.

  • Openheid wekt nieuwsgierigheid op.

  • Nieuwsgierigheid vraagt om duidelijkheid.

  • Duidelijkheid schept opnieuw ruimte.

En precies in die cirkel begint de onderstroom te kalmeren.


Waarom dit persoonlijk voor me is

Ik schrijf dit niet omdat ik boven die onderstroom sta. Ik schrijf het omdat ik er middenin sta. Ik schrijf het omdat de onderstroom mij stress bezorgt. Omdat ik hem voel in mijn werk, in gesprekken, in groepen, in mezelf.

Het herkennen ervan maakt me niet cynisch — het maakt me eigenlijk alleen maar bewuster. Want elke keer dat ik ruimte, openheid, nieuwsgierigheid of duidelijkheid kies, hoe klein ook, verandert er iets. Bij mij. Bij de ander. In het contact.

Het zijn tegenkrachten die niet schreeuwen.
Ze werken stil.
Maar ze werken wél.

Een andere manier van samenleven

Dit is de werkelijke verschuiving waar ik naar verlang:
een samenleving die niet harder of luider wordt, maar zachter, opener en helderder. Een maatschappij waar spanning geen plek hoeft te zoeken in de schaduw. Waar verschil niet meteen polarisatie betekent.

En waar we elkaar iets meer gunnen: tijd, aandacht, nuance.

Passieve agressie ontstaat in een gevoel van krapte.

De tegenkracht begint bij ruimte — en groeit door alles wat daar vanzelf op volgt.

Terug naar overzicht

Blog

12 maart 2026

slaan we niet stappen over als we mensen corrigeren terwijl zij de vaardigheden nooit echt aangeboden hebben gekregen?

Hoe sta jij daarin? Ik zou daar graag een keer over praten tijdens een kopje koffie. Nieuwsgierig? Mail naar karen@aansluitenbijcommunicatie.nl

Lees meer »

Meer nieuws >>